De grensformaliteiten tussen Kazachstan en Rusland nemen aan beide zijden weer veel tijd in beslag. Deze keer bevind ik me na 5 uren op Russische bodem. Net over de grens moet ik nog mijn autoverzekering regelen. Twee kleine kantoortjes aan weerszijden van de weg bieden mij die mogelijkheid. Het blijken twee beconcurrerende dames te zijn. De ene maakt al contact met me door naar buiten te stappen. De andere heeft echter al een klant, maar laat deze even in de steek om naar buiten te komen om mij aan mijn arm naar binnen te trekken. Ik kies natuurlijk voor de eerste en dat wordt erg gewaardeerd.  Of ik trek heb in een kopje thee. Ik antwoord ontkennend want ik heb al voldoende uren doorgebracht aan de grens. Ik wil nu eindelijk eens verder kunnen rijden. Met 1 vinger wordt op de laptop het formulier ingevuld. Na vele typefouten en herstelacties is het formulier na 20 minuten eindelijk klaar en kan geprint worden. Ik neem het haar niet kwalijk. Ze is al op leeftijd (mijn leeftijd denk ik) en bovendien allervriendelijkst. Met handen en voeten komen we tot een korte communicatie. Als alles geregeld en betaald is begeleidt ze me naar de truck en zwaait me bij het optrekken uitbundig na.

Novosibirsk is de hoofdstad van Siberië. Deze op twee na grootste stad van Rusland (na Moskou en St. Petersburg) herbergt 1,5 miljoen inwoners. Afgezien van enkele historische houten huizen uit de Tsaristische tijd is er weinig interessants. Tegenover het station, wat een belangrijke stop is van de Trans-Siberië Express neem ik mijn intrek in een hotel wat aan de buitenzijde een blok beton in Sovjetstijl is, maar binnen best aantrekkelijke kamers heeft. Ik zal in Rusland af en toe een hotel moeten bezoeken om me daar te laten registreren. Als buitenlander moet je laten weten waar je jezelf ophoudt. Als je het land verlaat moeten deze formuliertjes weer getoond worden. De vorige keer had men hier geen interesse in, maar ik durf het risico niet te nemen om deze keer de hotels over te slaan.

Vanuit Novosibirsk leidt een  1000 km lange route naar de Mongoolse grens. De M52, de Chuysky Trakt. De weg is tegenwoordig grotendeels geasfalteerd en loopt door Altai Territory en Altai Republic. Richting Mongolië worden de bergen almaar hoger met enkele besneeuwde vierduizenders aan de Kazachse en Chinese kant. De bergen zijn groen en zijn vaak bebost., Maar ongeveer 100 km voor de grens verandert het landschap abrupt in een maanlandschap. Het droge steppegebied dat zich voortzet in West Mongolië.

Zowel de Russische als de Mongoolse grensformaliteiten duren weer erg lang. De auto’s worden minutieus onderzocht, waarna je langs allerlei loketten en stempelposten wordt geleid. Naar mijn registratieformulieren van de hotels wordt niet gevraagd.  Deze keer kan ik de recordtijd van 6 uur aantikken.

En dan……….Dan  rij ik uiteindelijk in Mongolie. Een lang gekoesterde wens is uitgekomen. Al jaren staat dit land op mijn verlanglijstje. De 6 uur durende grens ellende ben ik dan al weer snel vergeten. Na een uur rijden door een kaal, geel, maar o zo indrukwekkend landschap zoek ik een plaatsje ver weg van de hoofdweg en laat de absolute stilte op me inwerken. Hoewel, absolute stilte klopt niet helemaal, want na een half uur hoor ik een motorfiets stoppen naast de truck. Een herder op motorfiets heeft ver moeten rijden om een verdwaalde geit op te sporen. Met de vier poten samengebonden wordt het arme beest aan de zijkant van de motorfiets vervoerd met de poten omhoog. Hij mag hier even van uitrusten en begint direct weer aan zijn dagelijkse routine: grazen. In de tussentijd maakt de man me duidelijk dat het dier kilometers ver verwijderd was van de kudde en maakt een fors armgebaar in een richting. Héél ver weg dus. Na een sigaretje vertrekt het stel weer. De geit nu achter op de buddyseat gebonden. Niet veel later trekt een enorme kudde geiten en schapen langs met 2 herders te paard. Wat een leuke introductie van Mongolië.

In West Mongolië wonen erg veel Kazachen. Ze hebben hier hun oude tradities behouden. Dit in tegenstelling tot die in Kazachstan zelf die het nomadisch bestaan vrijwel opgegeven hebben. Eén van die tradities is het jagen met adelaars. Het zijn de eagle hunters. Ieder jaar rond september / oktober is er een groot toernooi waar de hunters en adelaars hun kwaliteiten kunnen tonen. De jury beoordeelt de prestaties van de adelaars , maar ook de kledij van de jagers.

Mijn wens is om zo’n eaglehunter te kunnen fotograferen. De eigenaresse van het ger (joert) kamp in Olgii waar ik verblijf schrijft een briefje in het Mongools waarin ik vraag dat ik graag in contact wil komen met een eagle hunter en of iemand er één kent. Op haar advies volg ik de route in zuidelijke richting langs de Chinese grens. Een prachtig gebied met besneeuwde toppen aan de rechter kant. Ik raak bekend met het begrip weg, hier in Mongolië. Het zijn sporen dwars door het landschap. Het begint eerst met een karrenspoor, vervolgens wordt dit te veel uitgesleten en neemt het de wasbord structuur aan . Om dat te vermijden wordt een nieuw spoor aangelegd en ga zo maar door. Soms is het moeilijk het juiste spoor te kiezen. Ik sta versteld van het aantal personenauto’s dat hier rijdt. Ontelbare Toyota’s Prius kom je op de steppe tegen. De meeste auto’s hebben rechts stuur. Geïmporteerd uit Japan, maar er wordt wel rechts gereden.

In het dorpje vind ik met behulp van het briefje zowaar een eagle hunter. Met een Landcruiser wordt ik door iemand in een Parijs-Dakar tempo over de steppe gereden naar een onbekende plaats. Het duurt wel drie kwartier voor we er zijn. Het wordt me nu duidelijk dat het de eagle hunter zelf is. Hij nodigt mij uit in zijn huisje. Zijn vrouw geeft mij een stevige kom warme melk terwijl hij zijn traditionele pak tevoorschijn haalt en aantrekt. De adelaar wordt uit een schuurtje achter het huis gehaald en ik kan met een bonzend hart van opwinding aan de fotoshoot beginnen. Er is alweer een wens van me in vervulling gekomen. Tegen een geringe vergoeding mag ik zijn pak lenen en de adelaar op mijn arm nemen zodat hij mij in vol ornaat kan fotograferen. Na afloop volgt nog een tafel vol met zoetige lekkernijen en een kom thee. Ps. Er is een prachtige film gemaakt over een meisje dat eaglehunter wordt: THE EAGLE HUNTRESS. Je kunt de tracker hier bekijken. Mogelijk kan je de volledige film ergens streamen.

Nog net voor donker word ik terug gebracht naar Piggy waarna ik nog net op tijd een mooi kampeerplekje net iets buiten het dorp vind.

De volgende dag raak ik wat verwijderd van de normale route naar het zuiden en moet via verschillende rivier overstekingen  weer terug zien te keren naar het juiste pad. Piggy krijgt nu voor het eerst natte voetjes. Gelukkig maar maximaal 1 meter diep. Verderop zie ik een brug. Is wel zo handig , denk ik. Maar voor de brug ontwaar ik een rood omrand bord met de tekst 5 ton. Piggy is 12 ton en met volle dieseltanks en watertank 13 ton. De brug ziet er niet al te stevig uit. Zal ik het wagen of niet. Er komt een Landcruiser aanrijden waarvan de inzittenden mij adviseren het niet te wagen. Twee jongetjes die staan te vissen zeggen dat de rivierdoorgang naast de brug zeker 2 meter diep is. Technisch kan Piggy dit wel aan, maar alle elektriciteitsvoorzieningen aan boord houden niet van water. Bovendien wil ik mijn eigen voeten droog houden. Het enige besluit is om terug te keren . Het duurt een volledige dag om weer op de hoofdroute uit te komen.

Via Khovd en Ulaangom volg ik de noordelijke route naar Moron. Ik wil het nationale Festival Naadam op 11 en 12 juli meemaken in Khatgar, 100 km noordelijk van Moron. Dat lijkt mij leuker dan het grote spektakel in Ulaanbaatar.

Onderweg kom ik in aanraking met herders en hun enorme kudden. Meer naar het oosten zie ik ook steeds meer yak kuddes. De mensen zijn bezig hun nederzettingen te verplaatsen naar de zomerweiden. De gers en de volledige huisraad op de laadbak van hun truck geladen. Ze hebben wel eens hulp nodig. In mijn ooghoek zie ik iemand naast een volgeladen truck heftig met zijn pet naar mij zwaaien. Het blijkt dat de accu te weinig spanning heeft zodat ik hem met een kabel en de trekkracht van Piggy weer aan de praat kan krijgen. Na vele bedankje pruttelt de oude truck verder naar hun zomerverblijf.

Ik vind prachtige kampeerplekjes naast meren en riviertjes en in de nabijheid van een ger kamp, van waaruit men meestal even een bezoekje komt brengen.

De laatste dagen heeft het veel geregend. De sporen zijn nu modderpaden geworden. Het is glibberen van links naar rechts. Eén maal blijf ik hangen in de modder. Met stenen en houten palen en een schep kan ik wat vaste grond creëren onder de wielen zodat ik me na een half uur uit de benarde situatie kan redden. Wat een ervaringen allemaal. Maar intussen is ook een bladveer gebroken, de rubberen balg van de luchtfilter gescheurd en ook het onderstel van de cabine weer gebroken. Dit zijn minder leuke dingen. Hopelijk kan dit in Ulaanbaatar gerepareerd worden. Zo niet, dan moet ik wachten totdat ik in Rusland ben . Irkutsk is een grote stad en de Russen weten wel met zwaar materieel om te gaan.

 

Het plan voor de komende maand:

  1. Visum voor Rusland regelen
  2. Verlenging visum Mongolie aanvragen
  3. Reparaties aan de truck
  4. Naar de Gobi
  5. Mogelijk via de oostkant van Mongolie weer terug naar Ulaanbaatar en vervolgens richting Baikal Meer en Irkutsk
  6. Grens met Kazachstan oversteken en via de Altai afdalen naar Almaty en omstreken.

BEKIJK DE FOTO’S  EN VIDEO’S  VAN RUSSIA AND KAZAKHSTAN

BEKIJK DE FOTO’S  EN VIDEO’S  VAN MONGOLIA